De gevaren van yoga

Yoga gezond? Niet altijd. Bill Broad schreef een boek over de gevaren van yoga. ‘Je spot met de sturing van je lichaam.’

Dit artikel verscheen eerder in NRC Handelsblad.

‘Atijd al’ deed hij yoga, en net zo lang was hij wetenschapsredacteur. „Opeens besefte ik dat ik die twee nooit had gecombineerd.” In de yogazaal geloofde Bill Broad alle wijsheden van zijn leraren. Meer zuurstof door goede ademhaling. Een  betere stofwisseling. Onzin, zegt hij nu. „Over yoga wil je niet rationeel zijn.” Broad besloot te onderzoeken welke claims wetenschappelijk zijn onderbouwd.

Hij schreef er een boek over dat de yogawereld in Amerika opschudde. Want wat blijkt? Yoga is niet alleen maar goed en veilig. Om dat te onderstrepen, voert Broad in zijn boek The science of yoga yogagoeroe Glenn Black op. Die verklaart onder meer waarom moderne yoga gevaarlijk kan zijn. Ten eerste zijn de oefeningen ooit bedacht voor Indiërs die indertijd veel op de grond zaten – niet voor kantoorklerken die de hele dag stijf op een stoel zitten. Ten tweede zijn de leerlingen vaak onervaren en,  wellicht problematischer, hun leerkrachten ook. En het laatste gevaar is ijdelheid.

Eigenlijk kunnen de meeste mensen beter niet aan yoga doen, meent Black. Zo gaat yoga op een doordeweekse avond in het gestresste deel van Washington. Een lange rij jonge vrouwen met yogamatten op hun rug gebonden staat voor een deur, onder het bord ‘Strength + yoga = Stroga’. Binnen werken de hoog opgeleide vrouwen (en een enkele man) iedere avond met honderden tegelijk aan hun lichaam. En een beetje aan hun geest.

De houten vloer is gevuld met matjes, smartphone ernaast, keurig gelakte nagels erop. Schouders draaien krakend van een dag achter de computer. Nog voor de komst van de lerares begint een aantal meisjes met een uitgebreide warming-up. Die ze helemaal niet nodig blijken te hebben. In strakke yogamerkkleding wringen ze hun rug in een draai, leggen hun neus op de knieën, keren zich soepel om op hun hoofd.

Hoofdstand 1

In The science of yoga waarschuwt Broad voor de gevaren van deze hoofdstand. De nek wordt zwaar belast. Samen met de ‘schouderstand’ en de ‘ploeg’ is de ‘hoofdstand’ funest voor de nekwervels. Een beroerte of de dood kan het gevolg zijn. „Yoga is extreem goed en extreem slecht. Andere sporten leiden ook tot blessures, maar nooit tot een herseninfarct. Het gaat om je hersenen, je spot met de fundamentele sturing van je lichaam”, licht Broad telefonisch toe vanuit New York.

In zijn boek beschrijft hij de ene na de andere gruwelijke casus. Een vrouw met een geklapte long na ademhalingsoefeningen; een yogi wiens ribben knappen als hij zijn torso draait. En zijn eigen blessure, waarbij hij door zijn rug zakte. Het is, zoals hij zelf zegt, het eerste standaardboek over de aantoonbare effecten van yoga. In The New York Times, de krant waarvoor hij werkt, verscheen een voorpublicatie van zijn boek. Het stuk sloeg in als een bom. De kop ‘How yoga can wreck your body’ (Hoe yoga je lichaam kan verwoesten) schoot over internet, yogaleraren pasten een dag later hun lessen aan en de mailbox van Broad liep over.

 

„Idioot. Eikel. Imbeciel”, leest hij voor. En: „Je bent zelf een wreck (wrak).”

 

Nu kan hij om de reacties lachen, kan hij ze zelfs duiden. Zo wijst hij op de grote economische belangen in de yoga-industrie. Yoga is wereldwijd een van de snelst groeiende ‘sporten’ – alleen al in de Verenigde Staten doen zo’n 20 miljoen mensen eraan. De winkels liggen er vol yogamatten, yogamuziek, yogadrankjes, yogatijdschriften. En de doelgroep is aantrekkelijk: vrouw en hoogopgeleid.

Het meeste geld verdienen de yogascholen en hun oprichters echter aan het opleiden van docenten. In die trend van commercialisering passen dubieuze claims. ‘Meer energie, diepe slaap, betere doorbloeding’, staat er op het visitekaartje van yogalerares Stacey Rusch in Washington. Ze is na een cursus van 200 uur gecertificeerd en kan inmiddels rondkomen van haar lessen.

Met Rusch dwaalt een Indiaas muziekje de zaal binnen. Ze vraagt iedereen in een kleermakerszit te gaan zitten. Ogen sluiten, concentreren op de ademhaling en een doel stellen voor de les. En dan gaat het van langzaam naar snel. De houdingen van de zonnegroet wisselen elkaar snel af. In het uur yoga is er geen moment van rust – tenzij in een verwrongen pose. De Indiase roots klinken door bij elke houding. ‘Tadasana ’ (berg); rechtop staan met de armen langs het lichaam. ‘Virab – hadrasana’ (strijder); wijdbeens, het bovenlichaam gedraaid.

In zijn boek beschrijft Broad de ontstaansgeschiedenis van het moderne yoga. En die blijkt helemaal niet zo oud te zijn. Yoga evolueerde snel tot de versies die nu populair zijn. Broad schrijft daarover: „Yoga is van een eeuwenoude obsessie met het overstijgen van het lichaam veranderd in een nieuwe vorm van lichamelijkheid.” Met als hoogtepunt de USA Yoga Asana Championships waarbij de wendbaarste yogi de hoofdprijs krijgt.

In de Stroga-zaal doet weinig denken aan de mystieke basisprincipes van yoga. Het is fitness met een zweverig tintje. Een nieuwe vorm van buikspieroefeningen waarbij de lerares altijd spreekt over je „hart openen naar de hemel” in plaats van „borstkas omhoog”. Een draai heet „een twist om je lichaam te ontgiftigen”. Ze zegt: „Het gaat niet om de mensen om je heen. Concentreer je op jezelf.” Maar iedereen spiekt. Rush kan onmogelijk haar honderden leerlingen corrigeren.

Naast haar lessen bij Stroga is Rusch docent voor medewerkers van het Witte Huis, NASA en de CIA. Dat zijn veelal hardlopers, die komen voor herstel van blessures. „Natuurlijk heb ik ook mensen geblesseerd zien raken van yogaoefeningen, maar ik geloof dat yoga vooral geneest.” En daarbij gaat het Rusch niet alleen om het fysieke.

„Die mensen kunnen in hun pauze koffie drinken, maar ze kiezen voor mijn yogales om even uit de gekte te stappen.’ Er is ruimte voor zelfanalyse. Ik geef ze een vredige, veilige plaats om te ontspannen.”

Daarom mag je ook geen commentaar op yoga geven, ervoer Broad. „We leven in zo’n complexe wereld, voor veel mensen is yoga een toevluchtsoord om te ontspannen, stil te zijn. En dat is heel krachtig.” Het is de mythevorming eromheen waar hij een einde aan wil maken. Toch vond Broad in zijn zoektocht naar de wetenschappelijke onderbouwing van yoga niet alleen kommer en kwel. Oké, van yoga word je niet slanker, integendeel, je stofwisseling wordt trager. Maar het verbetert het seksleven, vermindert stress en verdrijft somberheid. Zijn eigen oefeningen heeft hij aangepast. En hij luistert beter naar zijn eigen lichaam. „Die keer dat ik door mijn rug ging, was om indruk te maken op een vrouw naast me.” Ego en yoga verdragen elkaar niet.

Mythe -> Feit                                                         

  • Yoga is oud -> Moderne vormen ontstonden rond 1920
  • Yoga heeft spirituele wortels -> Yoga begon als een sekscultus
  • Yoga doet wonderen -> Het zorgt voor veranderingen die op wonderen lijken
  • Yoga kan het hart doen stilstaan -> Yoga kan de bloedstroom stoppen maar niet de hartslag
  • Yoga verhoogt het zuurstofgehalte -> Snel ademhalen vermindert zuurstof in de hersenen
  • Yoga versnelt de stofwisseling -> Het vertraagt de stofwisseling
  • Yoga bevordert gewichtsverlies -> Trage stofwisseling bevordert gewichtstoename
  • Yoga is veilig -> Yoga kan gevaarlijk zijn